Diaconie

“De Omzieners’ is na de ‘Omdenkers’ en ‘Lazarus’ de derde voorstelling waarmee de leden van de Joseph Wresinski Cultuur Stichting armoede onder de aandacht brengen. Ze komen graag naar de Elisa vanwege de gastvrije ontvangst en de loyale hulp van de vrijwilligers van de parochie. Al die keren deed het Armoede Pact Almelo graag een beroep op de medewerking van de parochie. Door al die inspanningen en de gulle steun van enkele sponsoren kon ook dit jaar de organisatie terugkijken op een geslaagde uitvoering.

Op 29 en 30 maart is de kerkzaal omgetoverd tot theater voor de uitvoering van ‘De Omzieners’ door de toneel- en muziekgroep van de Joseph Wresinski Cultuur Stichting. Een tribune biedt plaats aan honderd toeschouwers. De toneelruimte is eenvoudig en leeg, afgeschermd met dundoek. Een uur voor het begin zijn de licht- en geluidstechnici bezig met de laatste voorbereidingen. De acteurs nemen hun rollen en teksten nog even door. De kerkzaal is bezig hun speelruimte te worden.
Bij de ingang speelt de muziekgroep, het eigen orkestje van de Stichting. De hal stroomt langzaam vol bezoekers. Om acht uur worden ze welkom geheten en krijgen een korte toelichting over Joseph Wresinski, de Franse priester die bekend werd als iemand die altijd op zoek was naar en zich inzette voor de allerarmsten. “De armsten zeggen het ons vaak : het ergste ongeluk voor de mens is niet de honger, niet het ongeletterd zijn, zelfs niet het zonder werk zitten. Het ergste ongeluk is te weten dat je niet meetelt, dat zelfs je leed wordt genegeerd”.
Dit negeren doorbreken en een stem geven aan de stille armoede is wat de Stichting zich ten doel stelt. Hoe kan dit beter dan door armen en slachtoffers van uitsluiting die hun levensverhaal op het toneel voor het voetlicht brengen?
De zaal is schemerdonker als de voorstelling begint. Boven een sterrenhemel, beneden twee mannen, tuinman en hulptuinman in gesprek over het heelal, haar ouderdom en immensiteit. Zij voelen het bijzondere van de plek waar zij zich bevinden, waar tijdelijkheid en eeuwigheid elkaar ontmoeten, het kerkhof. Ze werken er, maar hebben geen vast dienstverband. Na zes maanden is er wel weer een reden hen te ontslaan om te voorkomen dat ze in dienst genomen moeten worden. Ze zijn gewenst als speelbal, niet als medewerker of medemens.
Er verschijnt een familie op het toneel om een dode te begraven. Het zijn mensen uit een wereld waar het vermogen veilig stellen belangrijker is dan het leven van je medemens veilig stellen. Het brengt de wereld van het kapitalisme in beeld, uitbuiting, winstbejag en wat het betekent voor mensen over wiens ruggen het in stand wordt gehouden. Maar de ‘dode’ heeft een verrassing in petto.
Na de voorstelling rijzen vragen wat het betekent als je leest en hoort dat het weer goed gaat met de economie….